Een cliënt intern verhuizen; hoe zit dat juridisch?
Zorginstellingen worden steeds vaker geconfronteerd met complexe organisatievraagstukken, mede als gevolg van toenemende wachtlijsten. Afhankelijk van de zorgvraag kunnen deze wachttijden fors oplopen. Tegelijkertijd rusten er wettelijke en contractuele verplichtingen op zorgaanbieders, óók richting nieuwe cliënten. In de praktijk leidt dit er soms toe dat zorginstellingen met meerdere locaties besluiten om cliënten intern te verhuizen. Soms gebeurt dit om organisatorische redenen, maar het kan ook zijn dat een andere plek beter aansluit bij de zorgbehoefte van de cliënt in kwestie. Iets vergelijkbaars geldt voor verschillende woonplekken binnen één locatie.
Een recente uitspraak van de rechtbank Rotterdam biedt waardevolle handvatten voor zorginstellingen die te maken krijgen met dit soort situaties. In dit kort geding stond de geplande verhuizing van een cliënt met een verstandelijke beperking naar een andere locatie van dezelfde zorgaanbieder centraal. De familie verzette zich tegen de verhuizing zonder expliciete toestemming van de mentor. Wat zijn de lessen die uit deze uitspraak kunnen worden gehaald voor zorgaanbieders?
De zaak in het kort
De betreffende zorginstelling wilde een cliënt met een VG7-indicatie – een indicatie voor zeer intensieve zorg en begeleiding – overplaatsen naar een andere locatie binnen dezelfde organisatie. De familie, waaronder de mentor van de cliënt, was het hiermee niet eens en spande een kort geding aan om de verhuizing tegen te houden. Hun argument in deze zaak: de verhuizing zou niet in het belang van de cliënt zijn.
Wat oordeelt de rechter?
De rechter stelt vast dat zijn rol beperkt is tot de vraag of de zorgaanbieder in redelijkheid tot het besluit kon komen. De inhoudelijke zorgafwegingen zijn primair aan de zorgprofessional.
Een paar belangrijke punten uit de uitspraak:
- Geen toestemming vereist van de mentor: Op basis van de Wet langdurige zorg (Wlz) is expliciete toestemming van de mentor voor een verhuizing van een cliënt naar een andere locatie niet vereist.
- Wel een zorgvuldige procedure: De mentor moet wél tijdig worden betrokken bij het besluitvormingsproces. Achteraf informeren volstaat niet, aldus de rechter.
- Besluit moet redelijk zijn: Het besluit tot verhuizing moet voldoende gemotiveerd zijn en gebaseerd zijn op een inhoudelijke afweging waarin het belang van de cliënt aantoonbaar centraal staat. In deze zaak was de verhuizing ingegeven door zorginhoudelijke redenen (die zijn onderschreven door een gedragsdeskundige) en organisatorische redenen, zoals een lange wachtlijst.
De rechter concludeerde dat de verhuizing in deze zaak voldoende was gemotiveerd en wees het gevraagde verbod tot verhuizing dat was gevorderd door de familie af.
Wat kunnen zorgaanbieders hiervan leren?
Hoewel er nog weinig rechtspraak bestaat over interne verhuizingen binnen zorginstellingen, geeft deze uitspraak enige richting. Een aantal belangrijke lessen die hieruit voortvloeien voor zorgaanbieders:
- Betrek wettelijk vertegenwoordigers tijdig
Volgens de Wlz hoeven mentoren geen toestemming te geven voor een interne verhuizing, maar ze moeten wél vroeg in het proces betrokken worden bij de besluitvorming. Zorg ervoor dat zij hun visie kunnen geven én dat die visie daadwerkelijk wordt meegewogen. - Onderbouw zorginhoudelijke redenen zorgvuldig
Zorg ervoor dat er inhoudelijke gronden zijn voor de verhuizing en leg deze goed vast. In de besproken zaak woog het mee dat het besluit ondersteund werd door een gedragsdeskundige en een multidisciplinair team. Documentatie is cruciaal. - Wegen van bredere belangen is toegestaan, mits goed gemotiveerd
De uitspraak laat zien dat ook bredere maatschappelijke en organisatorische belangen, zoals het beter benutten van woonplekken, mogen meewegen. Maar: dit mag nooit ten koste gaan van het individuele belang van de cliënt, en moet inhoudelijk goed worden onderbouwd.
Tot slot
Zorgaanbieders bevinden zich in een spanningsveld tussen individuele zorgbehoeften, maatschappelijke verwachtingen en wettelijke verplichtingen. Interne verhuizingen kunnen hierbij nodig zijn, maar vereisen zorgvuldige afwegingen. De uitspraak van de rechtbank Rotterdam biedt een aantal richtlijnen: betrek wettelijk vertegenwoordigers tijdig, onderbouw je besluit goed en zorg voor een transparant en zorgvuldig proces.
Auteur: Eldermans | Geerts
Deze blog is geschreven door Eldermans | Geerts. Een advocatenkantoor dat adviseert aan en optreedt namens zorgprofessionals, zorginstellingen en brancheverenigingen in de zorg. Ze beschikken over uitgebreide deskundigheid en ervaring binnen de zorgsector.